BVI Opleidingen die van start gaan
|
|
Behavior of packages during Transport: Field to Lab simulations - Test procedures & Standards - 13/06/2013
Wegwijs in golfkarton - 24 en 25/09/2013
Praktisch wegwijs in de regelgevingen met betrekking tot verpakking voor voedingscontact - 01/10/2013
Introductie in de bedrukkingstechnieken voor verpakkingen - 03-10-17/12/2013
|
U bent het grillige klimaat beu? Het BVI regelt voor u temperatuur en vochtigheid!
|
|
Het Belgisch verpakkingsinstituut voert volgende testen uit:
Kwalificatie testen
Kwalificatietesten volgens de normen ASTM, ISTA, NF, . . .
Voor de kwalificatie van een verpakking wordt een protocol opgesteld in samenspraak met de klant waarin de testprocedure en alle randvoorwaarden worden omschreven. Alle testen worden uitgevoerd in gekalibreerde ruimtes en met gekalibreerde meetapparatuur.
Na het beïndigen van de testen wordt er een uitvoerig gedocumenteerd rapport afgeleverd voorzien van foto’s.
Lange duur/verouderingstesten
Materialen worden voortdurend blootgesteld aan allerlei externe invloeden zoals temperatuur, vocht, UV en/of chemicaliën.
De afdeling materiaalanalyse test de weerstand van producten tegen dergelijke externe invloeden.
Klimaat testen:
Uitgevoerd volgens de normen IEC, DIN, ETS, MIL-STD.
Het BVI beschikt over verscheidene computergestuurde ruimtes waarin zowel de temperatuur als de relatieve vochtigheid gedetailleerd kunnen gevolgd worden. In deze kamers kunnen zowel tropische omstandigheden, standaard condities, als zomer- of winter profielen, enz . . . gesimuleerd worden.
Conditioneren van testproducten:
Voorconditionering bij fysische testen
Als voorbereiding op mechanische testen op een product, verpakking of materiaal zijn er veelal voorconditioneringsvoorschriften. Het BVI beschikt over verschillende kamers waar zowel temperatuur als vocht kunnen ingesteld worden.
Voorconditionering bij temperatuurtesten
Bij kwalificatie testen worden vaak bepaalde elementen voorgeconditioneerd bij verschillende temperaturen. Mogelijke ranges in het BVI-labo gaan van -40°C tot 100°C. Deze voorconditioneringen zijn zelfs mogelijk op palletniveau.
Voorconditionering bij transportsimulatie
Soms is het nodig verpakkingen te conditioneren alvorens een transportsimulatie uit te voeren. Bij transport in containers kan zowel de temperatuur als de vochtigheidsgraad oplopen. Ook hier zijn er mogelijkheden om verschillende pallets gelijktijdig te conditioneren.
NIEUW !
Door de groeiende vraag naar testen heeft het BVI besloten om zijn service verder uit te breiden.
Eerst en vooral werd er geopteerd om een kleinere klimaatkast aan te schaffen. Op die manier moet men geen grote ruimte conditioneren indien het over kleinere voorwerpen gaat. Hierdoor wil het BVI enerzijds bewuster omgaan met energie en anderzijds de prijs voor het conditioneren van kleinere items drukken.
Nieuw is ook dat het BVI nu over de mogelijkheden beschikt om op het vlak van klimaatsinvloeden ook temperatuur schoktesten uit te voeren alsook om de weerstand van gecoate materialen tegen corrosie te testen met behulp van een zoutnevelbad.
Kleine klimaatkast
IEC, DIN, ETS, MIL-STD
Temperatuurbereik: -40°C . . . +180°C
Klimaat: + 10°C . . . +95°C
10%RH . . . 98%RH
Nauwkeurigheid : ±0,1°C . . .±0,3°C
Inhoud : 335 L binnen dimensies (600x500x500)mm
Temperatuur schoktest
DIN-IEC 68-2-14, MIL-STD 202F, MIL-STD 810F method 503.4, MIL-STD 883G,
MIL-STD 331B test 113.1, DEF 5011, DEF 113
Temperatuurbereik : -70°C . . . +220°C
Max te testen dimensies : (420x490x590)mm
Max gewicht testobject : 20 kg
Testvolume basket : 130 L
Zoutnevel
DIN 50021
Inhoud 1000 L
Temperatuurbereik: 5K boven de omgevingstemperatuur tot +50°C
Test gecondenseerd water: 5K boven de omgevingstemperatuur tot +45°C
Luchtdoorvoer zoutsproeitest: 2m³
Afmetingen binnenruimte zoutnevel:
Hoogte met deksel : 1190 mm
Hoogte zonder deksel : 740 mm
Breedte : 1560 mm
Diepte : 570 mm
Zoutwatervat: 180 liter
Zoutsproeitest tot 50 °C
Temperatuurconstante +/- 1K
Voor meer info omtrent klimaatsimulaties: contacteer p.deschepper@ibebvi.be
|
BVI drijvende kracht achter kwaliteit
|
Op 18 april 2013 ging de kick-off meeting van QinPaLab van start. Eén van de drijvende krachten achter dit initiatief, naast OFI en Labordata, is het Belgisch Verpakkingsinstituut.
QinPaLab staat voor “Global Quality Association of Independent Packaging Laboratories” en wil een platform zijn in het domein van verpakkingen en IBC’s voor het transport van zowel gevaarlijke als niet-gevaarlijke goederen. De doelstelling is om de veiligheid en de kwaliteit van de verpakkingen te optimaliseren, dit binnen een economische context. Achterliggende reden is het feit dat door de mondialisering van de handel en industrie, we meer en meer merken dat, op het vlak van testen en certifiëring van verpakkingen, er nog een te groot verschil bestaat tussen de internationale testlaboratoria. Hierom wil QinPaLab de laboratoria, de producenten, verdelers en bevoegde overheden rond de tafel brengen om zo de kwaliteit op het vlak van certifiëring naar een zelfde standaard te brengen.
Deze eerste meeting, specifiek gericht naar de verdelers van IBC’s, werd bijgewoond door deelnemers uit 7 verschillende landen en één Europese associatie.
|
EUROPEN publiceert nieuw boekje met statistische gegevens over verpakking en verpakkingsafval voor de periode 1998-2010
|
|
EUROPEN lanceerde onlangs haar statistische analyse betreffende verpakking en verpakkingsafval van 1998 tot 2010, gebaseerd op de gegevens die de lidstaten elk jaar verplicht moeten verstrekken aan de Europese Commissie.
De belangrijkste bevindingen zijn:
• De groei van de consumptie van verpakkingen is continu losgekoppeld van de economische groei
• De hoeveelheid gebruikte verpakkingen voor definitieve verwijdering neemt snel af
• 22 van de 27 lidstaten hebben de algemene doelstelling van 55% recyclage, die door de EU-richtlijn betreffende verpakking en verpakkingsafval gesteld wordt, bereikt.
U kunt het Europen boekje en het persbericht hier downloaden
Bron: Europen
|
Vinkje wordt enig erkend voedselkeuzelogo in Nederland
|
|
Het Vinkje is met ingang van 16 april het enige logo voor gezondere voeding dat is toegelaten door de Nederlandse overheid. De regels voor het keurmerk zijn in de Nederlandse wet opgenomen en de Europese Commissie heeft het gebruik van het Vinkje goedgekeurd. Met deze officiële erkenning is het Vinkje dé tool die consumenten helpt verantwoorder te kiezen.
Twee kleuren Vinkjes
Het Vinkje is ontstaan na een oproep van de World Health Organization (WHO) om producten gezonder te maken en de consument te helpen deze producten te kiezen. Een wetenschappelijke commissie bepaalt de criteria waaraan producten met het Vinkje moeten voldoen. Niet ieder product kan zomaar het Vinkje dragen.
Het Vinkje met de groene cirkel staat op producten uit de Schijf van Vijf met minder verzadigd vet, suiker en/ of zout. Deze producten met belangrijke voedingsstoffen, zoals zuivel, groenten en fruit, zijn de basis voor dagelijkse voeding.
Daarnaast is er het Vinkje met de blauwe cirkel. Dit slaat op producten die niet tot de Schijf van Vijf behoren, maar wel minder verzadigd vet, toegevoegd suiker, energie en/ of zout bevatten. Voorbeelden zijn: frisdranken, soepen en sauzen.
|
Richtlijn 2013/2/EU tot wijziging van bijlage I bij Verpakkingsrichtlijn 94/62/EEG
|
|
De grens tussen wat als verpakking wordt beschouwd en wat niet, is héél dun. Vandaar dat de definitie van de term “verpakking” in artikel 3 van Richtlijn 94/62/EEG betreffende verpakking en verpakkingsafval niet volstond en er in 2004 reeds een wijziging werd doorgevoerd via Richtlijn 2004/12/EG waardoor verpakking gedefinieerd wordt aan de hand van een aantal criteria. Tevens werden er ter illustratie van de toepassing van deze criteria een lijst van voorbeelden toegevoegd in de bijlage I van deze richtlijn.
Met Richtlijn 2013/2/EU wordt deze lijst van voorbeelden nu vernieuwd.
De richtlijn trad in werking op 28 februari 2013.
De lidstaten moeten deze richtlijn uiterlijk op 30 september 2013 omzetten in nationale regelgeving.
U kan Richtlijn 2013/2/EU hier downloaden.
|
Richtlijn 2013/10/EU inzake etikettering van aerosols
|
|
Aerosols moeten aan bepaalde etiketterings- en verpakkingseisen voldoen. Dit werd in 1975 bepaald in Richtlijn 75/324/EEG. De nieuwe richtlijn 2013/10/EU brengt hieraan wijzigingen met als doel de etiketteringsvoorschriften in lijn te brengen met Verordening 1272/2008/EG. Deze verordening betreft een Europees geharmoniseerd systeem van indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels. Deze verordening is op haar beurt in lijn met het wereldwijd geharmoniseerde systeem voor de indeling en etikettering van chemische stoffen (GHS- Globally Harmonised System of Classification and Labelling of Chemicals), dat op internationaal niveau is vastgelegd binnen de structuur van de Verenigde Naties.
De lidstaten dienen tegen uiterlijk 19 maart 2014 de nieuwe richtlijn om te zetten in nationale wettelijke bepalingen. Zij passen die bepalingen toe vanaf 19 juni 2014 mbt aerosols die een enkele stof bevatten en vanaf 1 juni 2015 mbt aerosols die een mengsel bevatten.
U kan Richtlijn 2013/10/EU hier downloaden.
|
RID 2013 online beschikbaar
|
|
Het RID 2013 weer beschikbaar op de website van de FOD Mobiliteit en Vervoer: http://www.mobilit.belgium.be/nl/spoorwegverkeer/spoorwegoverheden/dvis/gevaarlijke_goederen/
|
Wil je eens wat weten? Kindveilige verpakking, een nuttige sta-in-de-weg om accidentele vergiftiging van jonge kinderen te voorkomen
|
|
Wanneer hij moest vaststellen dat een intensieve communicatie met het grote publiek er niet in slaagde om de incidentie van kindervergiftigingen te verlagen, richtte Dr. Breault zich op preventie en bescherming door de ontwikkeling van een eerste kindveilige container te stimuleren. In 1957 werd Dr. Breault hoofd van de pediatrische dienst en directeur van het nieuwe Poison Control Centrum van het Hotel Dieu Hospitaal in Windsor, waar hij elke dag geconfronteerd werd met gevallen van kinderen die waren vergiftigd met geneesmiddelen of gevaarlijke verbruiksgoederen, zoals chemicaliën voor het huishouden. Elk jaar waren er zo’n 1000 gevallen en minsten 1 dode ten gevolge van dergelijke vergiftigingen, maar niemand had ooit getracht iets aan de verslechterende situatie te doen.
Dr. Breault richtte de Ontario Association for the Control of Accidental Poisoning op en hij smeedde een alliantie van lokale artsen en apothekers om kindveilige containers te ontwerpen. Een eerste succesvol systeem, gekend als de Palm N Turn, werd ontworpen en toegepast in de Windsorregio in 1967. De regering van Ontario maakte kindveilige containers verplicht in 1974.
In zijn World Report on Child Injury Prevention [WHO 2008] zei de Wereldgezondheidsorganisatie "Kindveilige verpakking is een van de best gedocumenteerde successen bij het voorkomen van ongewilde vergiftiging van kinderen ". Allicht bestaat de volstrekte veiligheid niet, maar een kindveilige verpakking kan een groot verschil betekenen voor de productveiligheid. Kindveilige sluitingen worden ontworpen om de tijd, die een jonger kind nodig heeft om het geneesmiddel of de chemische stof te grijpen, te verhogen. Er zijn twee types van kindveilige sluitingen; de hersluitbare en niet-hersluitbare. Maar niet alle hersluitbare verpakkingen zijn kindveilig. Men kent de gewone hersluitbare doppen, zoals die van de flessen frisdrank, en de kindveilige doppen zoals de Palm N Turn. Niet-hersluitbare sluitingen zijn verpakkingen zoals aluminiumfolie (strip packaging) of ondoorzichtige en heldere gelaagde plastic (blister verpakkingen) meestal met één enkel tablet van een geneesmiddel of een afwasmiddel.
Geneesmiddelen, detergenten, zuren, loog, brandstof en tuinartikelen zijn alledaagse producten uit het huishouden; maar zij kunnen de gezondheid van kinderen ernstig schaden. En zelfs wanneer de meeste van deze stoffen niet heel erg toxisch zijn, toch moeten ze buiten het bereik van kinderen bewaard worden. Wanneer kinderen in contact komen met deze chemicaliën, dan kan dat desastreuze gevolgen hebben voor de kinderen en voor hun ouders.
Kindveilige verpakkingen werden ontwikkeld om ervoor te zorgen dat de kinderen niet in contact komen met hun giftige inhoud. Ze zullen nochtans nooit 100 % veilig zijn omdat volwassenen ze nog altijd gemakkelijk en snel moeten kunnen openen. Het is niet de bedoeling om ouders en andere volwassenen te bevrijden van hun verantwoordelijkheid voor kleine kinderen! In tegendeel, kindveilige verpakkingen zijn het ultieme veiligheidsmiddel waar ouders kunnen op rekenen wanneer alle andere veiligheidsmaatregelen te kort schieten. Als een laatste beveiliging hebben innovatieve en goed ontworpen kindveilige verpakkingen ongetwijfeld reeds heel wat jonge levens gered en ze zullen dat zeker blijven doen.
Een kindveilige verpakking, haar naam waardig, is door de grootouders heel gemakkelijk te openen en door de kleinkinderen heel moeilijk. Ofschoon de toegang tot de inhoud verhinderen de eerst zorg is, helpt het allemaal niet wanneer oudere gebruikers, die de primaire markt voor veel farmaceutische producten vertegenwoordigen, vrijwel dezelfde problemen hebben. Hoewel dit een belangrijke tweedeling was gedurende tientallen jaren, suggereert recent onderzoek dat de demografische veranderingen het vandaag steeds belangrijker maken. In heel wat ontwikkelde landen maken de ouderen een steeds maar toenemend deel van de bevolking uit. En dit gaat gepaard met het feit dat gezondheidszorg in toenemende mate van het ziekenhuis naar thuis wordt verplaatst. Daar komt nog bij dat grootouders een steeds grotere rol gaan spelen in de opvoeding van de kinderen (kinderen verblijven vaak bij de grootouders). Dit is trouwens de reden waarom zo veel nieuwe kindveilige verpakkingsconcepten eerder belang hechten aan complexere openingsmechanismen dan aan de beveiliging van de dop door brute kracht.
Historisch gezien was de USA het eerste land met gestandaardiseerde testprocedures. De vereiste was dat 200 kinderen niet in staat mochten zijn om een gegeven pak te openen, terwijl hetzelfde pak door een panel van 100 volwassenen wel degelijk kon geopened en weer gesloten worden. Vandaag zijn gestandaardiseerde testprocedures, die op hetzelfde principe steunen, aangenomen door veel andere landen.
Over de hele wereld bestaan er verschillende verpakkingen die zijn erkend als kindveilig. Er zijn ook aanwijzingen dat het aantal ongevallen, waarbij kinderen gevaarlijke producten inslikken, is gedaald sedert de invoering van de testen. Het is evenwel redelijk moeilijk in te schatten in welke mate dit te wijten is aan de kindveilige verpakkingen, maar het leidt geen twijfel dat ze hiertoe bijdragen.
De Europese verordening 1272/2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels – ook de CLP verordening genoemd – is de wettelijke basis voor kindveilige verpakkingen. Belangrijke standaarden voor kindveilige verpakkingen zijn ISO 8317, EN 14375, EN 862 en US 16 CFR § 1700.20. Deze testprocedures zijn nodig om tegemoet te komen aan de testvereisten voor kinderen evenals aan de toepasselijke testen voor volwassenen.
ISO 8317 is de internationale standaard voor hersluitbare kindveilige verpakkingen. Het is van toepassing voor farmaceutische en voor technische en chemische producten. Deze standaard omvat twee testprocedures. Eerst is er de test met ongeveer 200 kinderen van 42 tot 51 maanden oud, de kinderen mogen de verpakkingen, die met een gevaarloos alternatief gevuld zijn, niet open krijgen. Daar komt bij dat een groep mensen van tussen de 50 en de 70 de verpakking probleemloos moet kunnen openen en terug sluiten. De eerste test duurt 10 minuten. De verpakking is kindveilig wanneer minder dan 15 % van de kinderen er binnen de 5 minuten in slaagt de verpakking te openen en minder dan 20 % van de kinderen de verpakking kan openen tijdens de hele duur van 10 minuten. Wat de tweede test betreft wordt er aangenomen dat de verpakking geschikt is wanneer tenminste 90 % van de volwassenen de verpakking correct kan openen en weer sluiten.
EN 14375 is de Europese standaard voor niet-hersluitbare kindveilige verpakkingen voor farmaceutische producten. Hij verving DIN 55559, die niet meer van toepassing is, en is specifiek relevant voor blisterverpakkingen of voor stick packs en granulaatzakken. Zoals voor ISO 8317 zijn er twee testen noodzakelijk waarbij wordt bewezen dat een welbepaald percentage van de kinderen tussen 42 en 51 maanden de verpakkingen niet kunnen openen en dat mensen van 50 tot 70 dat wel kunnen.
EN 862 is de internationale standaard voor niet-hersluitbare kindveilige verpakkingen voor niet-farmaceutische producten. Er bestaan verschillende types van niet-hersluitbare kindveilige verpakkingen zoals de verpakkingen waarvan de inhoud in één toepassing wordt opgebruikt (één dosis, één eenheid), hervulbare verpakkingen, verzegelde zakken, flowpacks en verpakkingen die zijn opgebouwd uit een aantal samengevoegde enkelvoudige verpakkingen voor eenmalig gebruik (b.v. blisterpacks). Zoals voor de testprocedures van ISO 8317, trachten kinderen van 42 tot 51 maanden de verpakking te openen gedurende 5 à 10 minuten en de evaluatie gebeurt zoals voor ISO 8317. Proeven met senioren tussen 50 en 70 zijn optioneel.
Het Belgisch Verpakkingsinstituut is ISO 17025 geaccrediteerd om certificaten van kindveiligheid te overhandigen. Het heeft een jarenlange expertise opgebouwd op dit gebied, geen enkele andere Belgische organisatie heeft deze accreditatie. Voor gedetailleerde practische informatie en procedures kan men zich wenden tot Didier Wittebolle (D.Wittebolle@ibebvi.be), die het departement Kindveilige Verpakking leidt.
Daarenboven is het Belgische Verpakkingsinstituut een actief lid van de werkgroepen CEN/TC261/SC5/WG27 en ISO/TC122/SC3/WG3. Het heeft een betekenisvolle bijdrage geleverd aan de ontwikkeling en rapportering van mechanische testmethoden voor hersluitbare kindveilige verpakkingen (EN ISO 13127). Enkele maanden geleden werd deze norm officieel erkend.
Daar komt ook nog bij dat het Belgisch Verpakkingsinstituut de herziening van ISO 8317 steunt. Dit zal resulteren in de op handen zijnde publicatie van een nieuwe versie.
Didier Wittebolle van het Belgisch Verpakkingsinstituut verstrekt ondersteuning en advies betreffende kindveilige verpakkingen voor de Europese en voor de Amerikaanse markt. Aarzel niet hem uw vragen en bemerkingen over te maken. Gezamenlijke inspanningen creëren win-win situaties.
References
WHO [2008]. World Report on Child Injury Prevention
|
|